Verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen stap dichterbij
Ingangsdatum nog onzeker
Wanneer de wet daadwerkelijk in werking treedt, is nog niet bekend. Dit hangt mede af van de uitvoerbaarheid van het wetsvoorstel door verzekeraars, het UWV en de Belastingdienst. De verwachting is dat invoering niet eerder dan 1 januari 2030 plaatsvindt.
Een basisvoorziening als uitgangspunt
Het wetsvoorstel introduceert een publieke arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen die winst uit onderneming genieten en nog niet de AOW-gerechtige leeftijd hebben bereikt. DGA’s en resultaatgenieters vallen buiten de regeling.
De voorgestelde verzekering heeft het karakter van een basisvoorziening:
- een premie van circa 5,4% van de winst uit onderneming;
- een wachttijd van 104 weken;
- een uitkering van maximaal het wettelijk minimumloon.
Er zal dus geen sprake zijn van een volledige inkomensverzekering, maar van een vangnet gericht op minimumbescherming bij langdurige arbeidsongeschiktheid.
Keuze voor publiek of privaat
Het wetsvoorstel introduceert een duaal stelsel. Zelfstandigen zijn van rechtswege publiek verzekerd, maar kunnen onder voorwaarden kiezen voor een private verzekering (opt-out).
Daarbij gelden onder meer de volgende voorwaarden:
- de private verzekering moet minimaal gelijkwaardig zijn aan de publieke regeling
- de premie moet vergelijkbaar zijn
- ontheffing moet worden aangevraagd bij het UWV
Voor deze opt-out gelden echter voorwaarden. De private verzekering moet minimaal een gelijkwaardige dekking bieden en dient tenminste een even hoge premie te kennen. Verder geldt dat ontheffing moet worden aangevraagd bij het UWV en dat de aanvang in principe ligt bij het begin van het kalenderjaar of de start van de onderneming.
Daarnaast zijn verzekeraars verplicht een stabiliteitsbijdrage te betalen aan het UWV voor zelfstandigen die kiezen voor een private verzekering.
Wat gebeurt er met bestaande verzekeringen?
Voor zelfstandigen die al een arbeidsongeschiktheidsverzekering hebben, komt er overgangsrecht. Dat is wel beperkt. Alleen verzekeringen die langdurig dekking bieden en aan specifieke voorwaarden voldoen, komen in aanmerking.
Ook in die situaties geldt dat een aanvraag bij het UWV nodig is en dat verzekeraars een stabiliteitsbijdrage moeten betalen.
Wat betekent dit in de praktijk?
Hoewel het wetsvoorstel nog niet is aangenomen, geeft het wel een duidelijke richting: een verplichte basisverzekering voor zelfstandigen komt dichterbij.
Voor organisaties die werken met zelfstandigen en voor zelfstandigen zelf kan dit gevolgen hebben voor kosten, contractvorming en de keuze tussen publieke en private verzekeringen. Het is daarom verstandig om deze ontwikkeling tijdig te volgen en de mogelijke impact in kaart te brengen.
Meer informatie?