Wetsvoorstel tegenbewijsregeling box 3 ingediend
Met de tegenbewijsregeling kunt u uw werkelijke rendement in box 3 aantonen. Als uw werkelijke rendement lager is dan uw forfaitair berekende (wettelijke) rendement hoeft u minder inkomstenbelasting te betalen. Met de tegenbewijsregeling biedt het kabinet aanvullend rechtsherstel in box 3, conform de uitspraken van de Hoge Raad.
Formulier opgaaf werkelijk rendement
Het is de bedoeling dat u vanaf medio zomer 2025 via het formulier Opgaaf werkelijk rendement uw werkelijk behaalde rendement kunt aantonen. Voor de jaren 2017 tot en met 2020 geldt de tegenbewijsregeling alleen voor bezwaarmakers van wie de aanslag op 24 december 2021 niet onherroepelijk vaststond. Voor de jaren 2021 en later staat de tegenbewijsregeling voor iedereen open.
Bepalen van uw werkelijke rendement
Het kabinet volgt in het wetsvoorstel de regels die de Hoge Raad heeft opgesteld om uw werkelijke rendement te bepalen. Het werkelijke rendement bestaat uit reguliere voordelen uit uw vermogen (bijvoorbeeld rente, dividend en huur) en de waardemutaties van uw vermogen. Het gaat daarbij om gerealiseerde en ongerealiseerde waardemutaties en zowel positieve als negatieve waardemutaties. Voor woningen wordt een waardemutatie bepaald aan de hand van de WOZ-waarde. Kosten zijn niet-aftrekbaar, behalve de rente op uw schulden. Het wordt niet mogelijk om verliezen te verrekenen met andere jaren.
Eigen gebruik onroerende zaak
Het eigen gebruik van onroerende zaken, zoals een vakantiewoning, behoort tot het rendement dat in box 3 wordt belast. Dit voordeel bestaat uit de economische huurwaarde van de onroerende zaak. Voor de jaren 2017 tot en met 2025 hoeft het eigen gebruik van onroerende zaken echter nog niet te worden opgegeven bij het berekenen van uw werkelijke rendement. Vanaf 2026 zal het eigen gebruik wel onderdeel uitmaken van het werkelijke rendement.