Belgisch expatregime opnieuw hervormd: aantrekkelijker, maar complexer…

Sinds 1 januari 2022 geldt in België een bijzonder belastingregime voor ingekomen belastingplichtigen en
onderzoekers. Het oude expatstelsel (gebaseerd op een circulaire uit 1983) was jarenlang populair, maar werd hervormd.
De invoering van het nieuwe regime in 2022 leidde echter tot een sterke daling van het aantal aanvragen, waardoor de beoogde instroom van buitenlands talent onder druk kwam te staan. Om België opnieuw aantrekkelijker te maken voor hoogopgeleide buitenlandse profielen, werd het regime opnieuw aangepast. Deze wijzigingen - die retroactief gelden vanaf 1 januari 2025 - verlagen de instapdrempel voor ingekomen belastingplichtigenen bieden werkgevers toch iets meer flexibiliteit dan voorheen.

Terug naar de basis: de spelregels van het bijzonder belastingregime vóór 2025

Toepassingsvoorwaarden van het bijzonder belastingregime

Om in aanmerking te komen voor het bijzonder belastingregime moet de betrokken persoon aan een aantal cumulatieve voorwaarden voldoen.

In de eerste plaats moet hij of zij rechtstreeks vanuit het buitenland worden aangeworven door:

  •  een binnenlandse (Belgische) vennootschap;
  • een Belgische inrichting van een buitenlandse vennootschap; of 
  • een vereniging zonder winstoogmerk of een internationale vereniging zonder winstoogmerk.

Daarnaast komt het regime ook in aanmerking wanneer de betrokken persoon ter beschikking wordt gesteld door een buitenlandse vennootschap die deel uitmaakt van een
multinationale groep aan:

  • één of meerdere Belgische vennootschappen;
  • één of meerdere Belgische inrichtingen van een buitenlandse vennootschap die tot dezelfde multinationale groep behoort; of
  • een vereniging zonder winstoogmerk of een internationale vereniging zonder winstoogmerk.

Naast deze formele aanwervings- of terbeschikkingstellingsvoorwaarden gelden bijkomende criteria die gelijktijdig moeten zijn vervuld. Zo mag de betrokken persoon in de 60 maanden voorafgaand aan de aanvang van de tewerkstelling in België niet onderworpen zijn geweest aan de Belgische inkomstenbelasting, noch als rijksinwoner, noch als niet-rijksinwoner. Bovendien mag hij of zij in diezelfde periode niet hebben gewoond binnen een straal van 150 kilometer van de Belgische grens. De nationaliteit van de betrokkene is hierbij niet relevant.

Onderscheid tussen BBIB en BBIO 

Binnen het bijzonder belastingregime wordt een onderscheid gemaakt tussen twee deelregimes, elk met eigen toelatingsvoorwaarden. 

Voor het bijzonder belastingregime voor ingekomen belastingplichtigen (BBIB) geldt een minimale bruto jaarbezoldiging van €75.000.

Deze bezoldigingsdrempel wordt gepro-rateerd bij de aanvang of beëindiging van de tewerkstelling, evenals bij langdurige afwezigheden.
Bij de berekening van het bruto jaarloon worden bepaalde looncomponenten expliciet uitgesloten, zoals variabele bonussen, opzegvergoedingen en vervangingsinkomsten.
In een internationale tewerkstellingscontext, bijvoorbeeld bij salary splitstructuren, wordt de drempel beoordeeld op basis van de salariselementen die aan België worden toegewezen.

Het BBIB is van toepassing op zowel werknemers als bedrijfsleiders, zij het onder specifieke voorwaarden en mits effectieve betrokkenheid bij de dagelijkse leiding van de
onderneming.

Voor het bijzonder belastingregime voor ingekomen onderzoekers (BBIO) geldt geen minimale bezoldigingsvoorwaarde.
Daartegenover staat dat de onderzoeker moet kunnen aantonen te beschikken over welbepaalde diploma’s (doctoraat of master in relevante studiegebieden) en/of minstens tien jaar relevante beroepservaring. Bovendien dient hij of zij tewerkgesteld te zijn binnen een laboratorium of onderneming die één of meerdere onderzoeks en ontwikkelingsprojecten uitvoert, en minstens 80% van de werktijd te besteden aan wetenschappelijke, technische, industriële of fundamentele onderzoeksactiviteiten (R&D).
Dit regime is in principe niet van toepassing op bedrijfsleiders.

Fiscale voordelen en toepassingsmodaliteiten 

Een belangrijk voordeel van het bijzonder belastingregime bestaat erin dat de werkgever, bovenop de reguliere bezoldiging, een belastingvrije forfaitaire vergoeding van
maximaal 30% van de bezoldiging kan toekennen als terugbetaling van kosten eigen aan de werkgever, met een jaarlijks maximum van €90.000. Dit plafond geldt exclusief de
klassieke forfaitaire kostenvergoedingen.

Daarnaast kunnen bepaalde specifieke kosten eveneens belastingvrij worden terugbetaald, waaronder verhuis- en herinrichtingskosten bij aankomst in België (met bijhorend
maximum) en schoolgeld voor leerplichtige kinderen. 

De toepassing van het regime moet uitdrukkelijk worden opgenomen in de arbeidsovereenkomst. De aanvraag dient bovendien uiterlijk drie maanden vóór de start van de tewerkstelling in België te worden ingediend en is onderworpen aan de voorafgaande goedkeuring van de Belgische fiscale administratie. Het regime kan worden
toegepast voor een maximale duur van vijf jaar, met de mogelijkheid van een eenmalige verlenging van drie jaar, op voorwaarde dat de toepassingsvoorwaarden vervuld blijven.

Hoewel het regime in oorsprong een fiscaal karakter heeft, hebben de Belgische sociale zekerheidsinstanties bevestigd dat zij dit fiscaal kader volgen, waardoor de hierboven
vermelde voordelen in principe eveneens worden vrijgesteld van sociale zekerheidsbijdragen.

Wat is er nu gewijzigd sinds 1 januari 2025?

De invoering van het nieuwe bijzonder belastingregime (BBIB/BBIO) leidde tot een beperkt aantal aanvragen (in vergelijking met het vorige bijzonder belastingregime, op basis van de
circulaire uit 1983). 

Om België alsnog aantrekkelijker te positioneren voor buitenlandse profielen, heeft de Belgische regering via een wetswijziging bepaalde aanpassingen doorgevoerd aan het
fiscale kader.

  1. De minimale bezoldigingsdrempel voor ingekomen belastingplichtigen (BBIB) werd verlaagd van €75.000 naar €70.000.
  2. De toegelaten terugbetaalde kosten eigen aan de werkgever werd verhoogd van maximaal 30% naar maximaal 35%.
  3. Het vroegere jaarlijkse maximum van €90.000 voor de terugbetaling van kosten eigen aan de werkgever wordt volledig afgeschaft. 

Deze wijzigingen gelden met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2025.

Fiscale versoepeling, sociale zekerheid blijft achter

De Belgische sociale zekerheidsinstanties hebben bevestigd dat de fiscale wijzigingen (die gelden vanaf 1 januari 2025) voorlopig niet zullen worden doorgetrokken voor de vrijstelling van de sociale zekerheidsbijdragen op de terugbetaalde kosten eigen aan de werkgever (voor zowel werknemer als werkgever) voor personen waarvoor het BBIB en BBIO werden goedgekeurd.

Dit impliceert dat nog steeds slechts 30% van de maximaal terugbetaalde kosten eigen aan de werkgever wordt vrijgesteld van sociale zekerheidsbijdragen (met een jaarlijks
maximum van €90.000). Dit terwijl een fiscale vrijstelling van inmiddels maximaal 35% is aanvaard (zonder een jaarlijks maximum bedrag).
Dit betekent onder andere dat de bijkomende 5% wel vrijgesteld is van inkomstenbelasting, maar toch onderworpen blijft aan sociale zekerheidsbijdragen.

Praktisch gezien geeft dit aanleiding tot complexiteit bij de verwerking van de regimes in de loonadministratie. Bijgevolg wordt er vanuit verschillende actoren in de sector verzocht aan de Belgische autoriteiten om hierin een alineëring te vinden. 

Praktische onzekerheden 

Ondanks bovenstaande versoepelingen, heeft de Belgische regering een opportuniteit gemist om bepaalde onzekerheden uit de praktijk verder te verduidelijken en/of te vereenvoudigen.

Zo zijn er bijvoorbeeld volgende praktische problematieken:

  • Er is momenteel nog geen mogelijkheid om te wisselen van het BBIO regime naar het BBIB regime, zelfs indien de minimumbezoldigingsdrempel is gerespecteerd.
    Dit kan aanleiding geven tot onderzoekers die niet langer voldoen aan alle voorwaarden van het BBIO regime, maar wel aan de voorwaarden van het BBIB regime, doch doordat ze niet kunnen wisselen, verliezen ze het recht op de toepassing van het bijzondere belastingregime. 
  • Aangezien de wijziging retroactief wordt ingevoerd, zijn er nog mogelijkheden om het regime retroactief uitzonderlijk aan te vragen tot 9 april 2026, doch de verdere praktische uitwerking hiervan ontbreekt op heden nog:
    • Dienen onder andere de addenda aan de contracten aangepast te worden?
    • Wat met de loonverwerking over 2025 die reeds werd verwerkt en gecommuniceerd naar de betrokken werknemers?
    • ...

In die context heeft de Belgische belastingadministratie recent een circulaire gepubliceerd om een aantal verdere verduidelijkingen toe te lichten.
Deze circulaire zal in een afzonderlijk artikel verder besproken worden.

Conclusie

De recente invoering en de hervorming van het bijzonder belastingregime voor ingekomen belastingplichtigen en onderzoekers creëren nieuwe optimalisatiemogelijkheden in
België en hebben tot doel om België aantrekkelijk te maken voor buitenlands talent.

De discrepantie tussen de fiscale aanpassingen en de standpunten van de sociale zekerheidsinstanties versterkt bovendien de nood aan een nauwgezette interpretatie en
een uniforme interne toepassing. Het zal interessant zijn om te zien of de praktische onzekerheden alsnog zullen worden behandeld in de aangekondigde nieuwe circulaire van de Belgische belastingadministratie.

Een duidelijke, samenhangende interne structuur, gestroomlijnde besluitvorming en afstemming tussen de verschillende interne teams (fiscale, juridische en HR teams) zullen dan ook essentieel zijn om dit regime correct te implementeren. Enkel met een geïntegreerde aanpak kunnen ondernemingen zowel de fiscale en sociale voordelen
maximaliseren als de risico’s en administratieve valkuilen beheersbaar houden.

 

Publicatie door Stijn Sablon & Bart Van Laere in vakblad Grensoverschrijdend Werken - Nummer 78, april 2026.

Document

Vakblad GOW 2026 nr 78 April - Hervorming expatregime

Want to know more?